De banken gaan 2021 relatief goed in, maar uitstel is geen afstel (1/2)

Het cijferseizoen pakte voor de banken redelijk goed uit. Rabobank maakte ruim een miljard euro winst, ING zelfs 2,5 miljard. Voor beide banken geldt dat de winst ten opzichte van 2019, zonder corona, halveerde. Dat klinkt vervelend maar niet levensbedreigend. ABN Amro zag zijn winst dalen naar 45 miljoen negatief maar dat is niet veel, gegeven de omvang van het eigen vermogen. Deutsche Bank maakte zelfs winst, dik 100 miljoen euro, terwijl er over de afgelopen jaren per saldo een verlies van 8 miljard genomen moest worden. 2020 was het jaar van de lockdowns en andere Corona-ellende. In 2021 krijgt iedereen een prik en dan beginnen we met het herstel, dus al met al valt het mee. Of niet?

De mooie cijfers zijn het gevolg van dubbel overheidsingrijpen. Als dat wegvalt, is het gedaan met de pret. Het dubbele ingrijpen heeft betrekking op steun aan bedrijven, de klanten van de bank, en aan de banken in de vorm van het overnemen van reeds bestaande probleemleningen. Een bank kan geholpen worden omdat de overheid zorgt dat zijn klanten niet failliet gaan (voorlopig) zodat deze de rente kunnen blijven betalen, maar het is ook mogelijk dat een bank direct geld krijgt om de gevolgen van noodgedwongen wanbetalen op te vangen. Het zijn twee routes met dezelfde uitkomst. Een restauranthouder die de rente op zijn bancair krediet niet meer kan betalen maar noodsteun krijgt zorgt ervoor dat de bank geen schade ondervindt, op korte termijn tenminste. Mocht een klant, zoals een restauranthouder, al bij bijzonder beheer zitten vanwege de onmogelijkheid om terug te betalen, dan kan de overheid (of de ECB) deze probleningen ook van de balans toveren. Beide routes hebben dezelfde uitkomst, namelijk een gelukkige bankier – vooropig althans.

Er zitten een paar flinke beren op de weg, die ook losstaan van corona. Ten eerste krijgen ondernemers in Nederland en andere Europese landen steun die op lange termijn voor solvabiliteitsproblemen gaat zorgen. Er zijn ondernemers bekend, niet alleen in de horeca, die bijvoorbeeld hun pensioenvoorziening hebben aangesproken om niet failliet te gaan. Als ze niet snel de deuren mogen openen dan is alles alnog voor niets geweest. Ze mogen dan wel afhaalmaaltijden maken maar daar kunnen ze hun kosten niet volledig mee betalen. Een grote groep ondernemers zal de Coronaperiode achter zich laten met een enorme schadepost en een pensioengat dat zich later wreekt.

Daarnaast zijn sommige maatregelen van bedenkelijke aard. Sommige ondernemers gebruiken bijvoorbeeld het uitstel voor het doen van BTW-aangifte als middel om tijdelijke gaten te vullen. Het is een noodgreep, want de BTW over het lopende jaar moet uiteindelijk hoe dan ook betaald worden. De ondernemer is in deze een invorderingsambtenaar voor de fiscus. Hij int de belasting wel, maar betaalt hem meteen door aan de belastingdienst. Wat dat betreft maakt het niet uit of hij een goed of een verschrikkelijk slecht jaar heeft, de BTW is toch niet van de ondernemer. Als de opgehaalde BTW wordt gebruikt om bijvoorbeeld de huur te betalen, of de rente op het ondernemerskrediet, dan komt de rekening volgend jaar dubbel. De belastingdienst is een onredelijk monster dat er genoegen in schept om hardwerkende mensen te vermorzelen, zagen we in de toeslagenaffaire. Enkele bevriende advocaten met kennis van ondernemings- en faillissementsrecht noemen het ‘BTW-krediet’ als een grote bron van ellende voor 2022. Dan zal de BTW-schuld alsnog vereffend moeten worden en Corona of niet, als het om invorderen gaat is de belastingdienst meedogenloos.

Interessant genoeg daalt het aantal uitgesproken faillissementen door Corona, met een derde ongeveer (bron: CBS). Een redelijke verklaring ligt in de mogelijkheden om noodsteun aan te vragen, in elkaar opvolgende rondes en voor bedragen die uiteindelijk onmogelijk toereikend zijn. De getroffen ondernemers en hun crediteuren trekken de stekker er dus niet meteen uit maar kijken of ze het met hangen en trekken niet nog een maandje uit kunnen zingen – met een een ‘BTW-krediet’ bijvoorbeeld. Als deze ondernemers op een later tijdstip failliet gaan dan komt de pijn alsnog, maar dan uitgesteld. Ook zijn er door Corona achterstanden bij rechtbanken die ook op de een of andere manier ingelopen zullen worden.

Uit cijfers van het CBS blijkt dat er nu 200 faillissementen per maand worden uitgesproken tegen 300 voor corona. Het ligt in de lijn der verwachtingen dat veel ondernemers die ook zonder Corona zouden zijn gestopt gebruik hebben gemaakt van noodvoorzieningen. Uiteindelijk zal er dus een inhaalslag zijn van het aantal uitgesproken faillissementen, wat ook een forse aderlating voor de banken tot gevolg kan hebben. Het gevaar bestaat dat twee probleemdossiers met elkaar worden vermengd, namelijk de reeds bestaande portefeuille van probleemleningen van banken en de nieuwe gevallen, de ondernemers en anderen die de lockdown zakelijk niet ongeschonden zijn doorgekomen.


Morgen kijken we naar de cijfers van Unicredit, want het persbericht over Q4 illustreert op heldere wijze de dubbele staatsteun. In de ene alinea zien we de verwachting van Unicredit met betrekking tot de staatssteun aan hun klanten, reeds genoemd; meteen daarna blijkt dat de bestaande portefeuille van ‘slechte leningen’ (die er zonder Corona ook al waren) in het rampjaar 2020 met 39 procent is gedaald. Juist tijdens de pandemie en de daarop volgende recessie besloten vier op de tien mensen die al jaren bij Bijzonder Beheer zitten om hele schuld maar in een keer af te lossen. Dat klinkt niet heel waarschijnlijk, hier is iets anders aan de hand. Het bijdrukken van geld zorgt ervoor dat banken bestaande 'legacy assets' elders kunnen parkeren. Ook dat is staatssteun, aan banken, maar dan direct.


Deze journalistiek ondersteunen doet u via BackMe.org.